Een heel nieuw leven

Een heel nieuw leven

Het verhaal over een vrouw die een heel nieuw leven kreeg. Het leek mij wel mooi passen bij het nieuwe jaar dat weer voor ons ligt waarin ieder op zijn of haar manier nieuwe dingen van God mag verwachten.

Een wonder!

Zo kun je het toch wel noemen, wat je tegenwoordig regelmatig hoort en leest, dat Moslim-gelovigen dromen en visioenen krijgen waarin ze Jezus ontmoeten! Zo ook de 37-jarige Kawser Duale. Ze kwam oorspronkelijk uit Somalië en groeide op in een streng-islamitische familie. Zoals iedereen daar. Ze was een gehoorzaam kind, bad trouw haar gebeden en las de Koran. Ze vertelt haar verhaal voor de zendingsorganisatie: Trans World Radio.

Haar jeugd was zwaar. Ze groeide op bij een tante, zogenaamd om bij haar te kunnen studeren, maar in feite leefde ze daar in slavernij. Toch bad ze vijf keer per dag, ging wekelijks naar de moskee en droeg een sluier. Maar ze miste iets, het gaf haar geen rust. Tot ze op een nacht een droom kreeg, waarin ze Jezus zag als een baby. En de man die Hem droeg, zei tegen haar: ‘Dit kind gaat jou redden.’ Ze dacht: “als dit waar is, wil ik deze droom nog een keer krijgen”, en dat gebeurde. Toen sprak Jezus zelf tegen haar: ‘Ik ben Jezus, de Messias. Volg mij en ik zal je rust geven.
Ik ben de weg, de waarheid en het leven’ Omdat Kawser onder meer al vanaf dat ze heel jong was, leed aan erge hoofdpijnen, bad ze er voor om van die last bevrijd te worden en dat gebeurde. Toen ze de volgende morgen wakker werd, had ze geen pijn meer, haar hoofd was genezen! Het werd een ommekeer in haar leven. Zij besloot om Jezus te volgen.

Daarom zocht ze hulp. Ze kwam in contact met christenen. Een vrouw nam haar mee naar hun Bijbelstudiekring. Kawser: ‘Daar kreeg ik mijn eerste Bijbel. Op vrijdag kleedde ik me alsof ik naar de moskee ging, maar in plaats daarvan ging ik naar de kerk.’ Drie maanden later werd ze gedoopt. ‘Ik las uit de Bijbel, maar begreep veel moeilijke woorden niet,’ vertelt ze. ‘Wat me wel erg duidelijk werd, was dat Jezus zei dat ik niet bang moest zijn en dat ik Hem niet mocht verloochenen. Dat nam ik serieus.’
De familie van Kawser kon niet accepteren dat ze christen was geworden. Ze werd zwaar onder druk gezet en zelfs gemarteld, maar zwoer haar geloof niet af. Daarom werd ze door hen op straat gezet.

Op een dag hoorde Kawser over een Amerikaanse zendelinge die in de buurt woonde. Kawser: ‘Ik nam het risico en ging naar de zendelinge en sprak met haar. Ze was erg verbaasd. Ze gaf me een groot stuk brood en wat sinaasappelsap. Een koningsmaal!’ Ook kon ze bij de zendelinge blijven wonen. Kort daarop kwam Kawsers toekomstige man aan de overkant van dat huis te wonen. Hij was ook een Somalische christen.
‘Ik denk vaak terug aan hoe God me vergeven en genezen heeft. Hij heeft me overal doorheen geholpen. Daarvoor heb ik Hem nog niet genoeg gedankt’, besluit Kawser met een stralende blik. ‘Elke dag van de rest van mijn leven heb ik daarvoor nodig!’

Ria